vrijdag 14 december 2018

Aan de slag!

Content wattes?!
Een vraag die ik afgelopen dagen veel krijg is: “WAT is een Content Creator, en WAT ga je dan precies doen??”


Ik kan er helemaal in komen. Om eerlijk te zijn wist ik tot voor kort ook zelf nog niet wat al die dure woorden in hielden. Zeker niet, gezien dit een compleet andere tak is dan waar ik ooit voor geleerd heb. Maar toen ik erachter kwam wat het inhield, sloeg de vlam in de pan. Ik bleek al meer te weten en te kunnen dan ik zelf door had.


Content creatie
is simpelweg het produceren van alle communicatieboodschappen. Dat kan een blog zijn, maar net zo goed een infographic, slideshow, how-to-video of Facebook-poll. Het is dus heel erg veelzijdig. Tot mijn taken behoort sowieso het schrijven van artikelen. Jullie zullen dus vaker wat van me gaan lezen.


Bedrijven kunnen namelijk contact met ons opnemen (of wij met hun) om een samenwerking aan te gaan. Wij gaan dan een review schrijven over hun merk of product met onze eigen ervaring daarbij en verwerken dit dan in een artikel. Dat artikel wordt vervolgens gedeeld op social media of een bepaald platform dat het meest aansluit bij de doelgroep.
Voor mij zal de doelgroep voorlopig bij ‘Mama’s’ liggen.
En daarom zal het dus wel eens voor kunnen komen dat je binnenkort bijvoorbeeld opeens een artikel van mij aan het lezen bent op #Love2bemama waar #Socialmediapartner regelmatig mee samenwerkt. Maar je zou me ook tegen kunnen komen tijdens een campagne in de stad, of op een beurs, of… verzin het maar.


Gemotiveerd
Ik merk dat ik helemaal aan het opleven ben, sinds ik de stap heb gezet. Opeens begint het te borrelen, en wordt er in mij een bron van creativiteit aangeboord. Eindelijk heb ik creatieve mensen om me heen, die dezelfde interesses delen, en waar ik door geïnspireerd raak. Echt waar, hoe langer ik erover nadenk, hoe vaker ik denk; ik heb mijn roeping gemist. Het voldoet aan alles wat ik op dit moment verlang in mijn leven. Wil je een opsomming? Ok. Ik zal een opsomming maken. Nou, ten eerste:

- Er is progressie! Ik merkte dat ik dat nodig heb om dingen vol te houden. Ik wil vooruitgang en ontwikkeling zien. (Misschien wel door het contrast van thuis, met een kind dat qua ‘progressie’ doorgaans nogal lang op zich laat wachten. ;-))
- Er is variatie. Ik hoef niet constant hetzelfde te doen.
- Er is ruimte om te groeien. Als er iets is waar ik niet tegen kan, is het stilstaan. Ik wil altijd blijven ontwikkelen, en deze baan biedt ruimte tot het leren van TAL van dingen. Mede doordat dit niet de hoek is waar ik voor geleerd heb, zullen er nog volop ontwikkelingsmogelijkheden zijn. Er zit dus ook voldoende:
- Uitdaging in. Het kan niet zo snel saai worden.
- Ik heb leuke en jonge collega’s. En niet teveel. Ik hou van het enthousiaste, spontane en flexibele in deze jonge mensen.
- We zijn allemaal creatief. Al moet ik dat vakje wel wat meer gaan openen. Ik heb dat vakje heel lang afgeleerd op school. Gelukkig is het door mijn schrijven nooit dicht gegaan, en heb ik collega’s die dit helpen ontwaken.
- Ik mag hele dagen geoorloofd speuren over Social Media, zonder dat iemand me met een schuin oog aankijkt dat ik niks doe. Nee, dat is nu mijn werk.
- Ik kan zonder schuldgevoel Instagram installeren, want werk. Tsjah. Hoe mooi wil je het hebben.
- Ik kan mijn enthousiasme en overtuigingskracht inzetten.
- Ik kan mijn eigen leven en mijn verhalen inzetten om anderen te vermaken en te enthousiasmeren, inspireren of te laten glimlachen… betaald!!!

Kortom: Ik krijg gewoon betaald voor mijn hobby!

Onzekerheid
En het is zo genadig hoe ik hierin terecht gekomen ben. Ik heb niet eens gesolliciteerd. Nee, echt! Het is me ‘gewoon’ komen aanwaaien. Eerst was ik nog van mening dat dit te hoog gegrepen was voor mij. Want ondanks dat ik hier stiekem al van droomde, kwam ik met allerlei argumenten die me omlaag haalden. Dat ik er niet voor geleerd heb, dat ik amateur ben, dat ik al jaren buiten de maatschappij functioneer binnen vier muren, dat ik niet flexibel ben, dat ik het niet zag zitten om freelancer te worden en dat ik het wellicht niet zou kunnen. Maar ik blééf Bianca maar tegen het lijf lopen. En de klik was er ook al meteen. Maar toch hield ik mijn twijfels. Daar hebben we 3 maanden voor nodig gehad om die te overbruggen. En toen was de kogel door de kerk. Ik kwam langs op kantoor, en ik werd enthousiast. En nog geen twee dagen later appte ik het definitieve, langverwachte antwoord; JA! IK DOE HET!!


Enthousiast

En terwijl ik al deze dingen zo enthousiast opschrijf, voel ik ook een soort spanning. Wat als ik nou heel blij verkondig dat ik HET gevonden heb, en het blijkt na een paar maanden helemaal niks voor mij te zijn? Dan heeft de hele wereld deze blog al gelezen.
Maar ja… dat past ook wel een beetje bij mij. Ik ben gewoon snel enthousiast. (Hoe vaak heb ik dat woord nou al genoemd inmiddels? Ik kan er wel een hashtag van maken :P) Nouja. Enthousiast dus. Ik krijg er bijna splaakgeblek van, thank god voor de autocorrectie.
Maar om even terug te komen op mijn punt. Ik denk soms dus dat het misschien wel schaamtevol zal zijn als ik faal. Maar nee, ik post dit gewoon want ik leef in het NU. En nu is nu. En nu zie ik het zitten en denk ik het daar wel een tijdje vol te kunnen houden. Ik ben niet over één nacht ijs gegaan (Toepasselijk weer hé? IJS. VRIESKOU. Maar goed.) En zoniet, dan zal ik ook dán al mijn leermomenten en veranderingen met jullie delen. Ik praat je bij. Echt waar.


Kom maar op!

En trouwens; als je zelf een bedrijfje hebt en je kunt wel wat reclame gebruiken… ik doe dat dus heel graag voor je! We hebben legio opties en prijzen. Er zal altijd wel een passend dealtje voor je bij zitten. Enja… als ik je al ken is dat natuurlijk alleen maar voordeliger voor de geloofwaardigheid en betrouwbaarheid. call ME, baBY! :P

Tot gauw weer ziens.


Ciao!





zaterdag 10 november 2018

Zwemperikelen




Het ging er dan toch van komen. Na lang uitstellen van onze kant, en voortdurend de verantwoordelijkheid op elkaar heen en weer schuivend, konden we er na 4 jaren uitstel toch echt niet meer onderuit. Oma had de ondankbare taak al herhaaldelijk op zich genomen, en ook kinderfeestjes en andere familieleden hadden ons al meerdere malen van onze taak ontslagen om te moeten gaan.
En het schermen met : ‘Ja, maar dat kan niet Saar... want Jesse..’ was nu echt te vaak gebruikt. We moesten eraan geloven. Het ergst denkbare ging deze herfstvakantie Anno 2018 gebeuren. We zouden gaan ZWEMMEN.

Voorbereiding
DUS. Ik heb me de dag tevoren al stressend onder de douche zorgvuldig overal ontdaan van ongewenste stoppels, om goed beslagen ten ijs te komen. Voor Peter moest zelfs nog een zwembroek worden aangeschaft...! En niet te vergeten natuurlijk de ‘badbikini’s’ zoals Sarah ze liefkozend noemt (Kan niet kiezen denk ik) moesten in de grote big shopper, die zich al gauw vulde met een overvloed aan eten en drinken.
Om het voor onszelf nog een beetje leuk te houden heb ik de gesmeerde broodjes achterwege gelaten, en gekozen voor het gemak van patat met een frikandel. Prima lunch, als zeg ik t zelf. Geen geplette ellende in lege broodzakken, terwijl je smachtend alle frituurgeuren weerstaat in een poging consequent over te komen; ‘want je had nou net zoveel moeite gedaan om aaaaal die broodjes te kopen en te smeren, dus nu zullen ze ze eten ook!’ Om vervolgens alsnog jezelf in de rij van de snackcorner te zien staan. Beschaamd, met de verantwoorde tuinkers nog tussen je kiezen.
Nee.
Om dat alles vóór te zijn; geen broodjes. Gewoon direct die snackcorner in.

Drukte
Na een half uur rijden (Sarah had een heel overlevingspakket ingepakt, of we een wereldreis zouden maken) kwamen we dan aan. En nadat we de kassa getrotseerd hebben, met véél te hoge prijzen, stevenen we af op de overvolle kleedruimtes en storten ons in een bak lawaai, waar zelfs Jesse niet tegenop kan met z’n geschreeuw. We kijken elkaar aan, happen naar lucht, en doen net of we gek zijn. Ik neem Sarah mee in een veel te krap hokje, waar ik me bij voorbaat al kapot zweet, terwijl ik Peter nog even zelfgenoegzaam naar me zie grijnzen voordat hij zijn privéhokje dicht knalt. Hij is dan ook nergens te bekennen wanneer wij zover zijn om een locker te zoeken. Gevlucht.

Terwijl we met onze slipperloze voeten door de lauwe pis en voetschimmels waden, zoeken we wanhopig rond naar een plekje om te zitten. Herfstvakantie zeker. Een tafeltje konden we sowieso al op onze witte buik schrijven, maar ook de stoelen bleken schaars met deze drukte. Na drie rondjes slenteren zagen we in een donker nisje zowaar nog een paar verloren stoelen staan, waar we als een leeuw op zijn prooi, naartoe snelden. Hebbes. Nu nog een plek… Het werd het gangpad.

De kwelling
Ik was het eerste slachtoffer om me in het stervenskoude water te wagen. Met een veel te blij opgetogen gezicht, huppel ik nog achter Sarah aan het golfslagbad in. Kilo’s mens laat zich in het water zakken. En zo ook ik. Een beetje onwennig voel ik me, als ik langzaam achterstevoren het trappetje af daal, me beseffend dat iedereen nu opkijkt om te zien ‘wie’ alswel ‘wat’ zich bij hun in het bad voegt. Ik ontwijk ze allemaal.

Direct na de eerste golf verdwijnt Sarah.
Kinderen gillen onverwachts in mijn oren, met decibellen die het HSP gehalte op hun grondvesten doet trillen. Ik hou de moed erin, pluk Sarah ergens uit een golf vandaan, en verplaats me naar rustiger wateren. Het bubbelbad. Dat had ik niet hoeven doen. Bacteriën vliegen me om de oren, kinderen duiken er naar het bodempje en doen rustig bommetjes, ondanks de pasgeboren baby(....!) (ik kijk mijn ogen uit!) die gewoon in deze drukte wordt geacht te functioneren. Het wiebelige bolletje rolt in het water, waarbij ook de oortjes niet droog blijven. Mijn buik krimpt ineen. Arm kind. Wanneer ik een zacht huiltje ontwaar van het kleine frummeltje, kan ik het niet langer aan zien. We verkassen. En terwijl we richting het ‘normale’ bad drijven, waar ik spetter na spetter incasseer, begin ik me langzaam op te fokken; dit is niks voor mij.  

Al kronkelend door het water komt Sarah naar me toe en vraagt of we ‘zeemeerminnetje’ zullen spelen... ik zucht. Nee hè. Maar ik pers er een instemmend ‘OK’ uit. Na welgeteld 12 minuten ben ik het he- zat. Ik heb mega honger, en zeg dat de zeemeerminnetjes nu weer aan land gingen om te eten. Tot mijn verbazing doet ze het nog ook. Ik vind het bijna zielig. Maar pfoeh, dat hebben we toch maar weer gehad.

Patat met......
Echter, lang uitrusten is er niet bij. Want wanneer we graag vóór 3 uur willen eten, zullen we ons toch echt in de rij moeten begeven. Hadden we nou maar broodjes...
Met tegenzin wurm ik me achter aan in een rij vol vlees op pootjes. Het beweegt zich langzaam voort, en ik beweeg mee op het ritme van de verschuiving. Een plakkerige arm raakt de mijne. Klevend komen we weer los van elkaar en ik huiver. Brrrr. Plakte ik nou zo... of zij? Ik besluit niet langer na te denken, en me te richten op het uitzicht van gratis drinken tegenover mij.
Hordes kinderen buitelen over elkaar heen en knoeien de plakkerige bende over de rand van de bekertjes tijdens het lopen. Dat het toch gratis is, is te merken. Niemand bekommerd zich om verspilling. Hier gaat het om onverschilligheid. Een mierenzoet drankje met de naam ‘fruitdrank’ doet zijn naam geen eer aan. Meerdere vinden dat, en spoelen het met hetzelfde gemak weer door het gootje. Maar waarschijnlijk niet omdat het te zoet is, maar omdat ze het woordje ‘fruit’ niet gelezen hadden.

Eindelijk ben ik aan de beurt. Ik doe mijn bestelling, en glij door een drap van zompige, met frisdrank volgezogen patat, terug naar onze veroverde stoelen. Ik heb de overtocht gemaakt. Nu is het Peters beurt.
Wanneer de buzzer af gaat, lukt het me om hem die kant op te dirigeren, terwijl ik smakelijk lachend toekijk hoe hij zich een weg baant langs dezelfde route als de mijne. Zo. Gerechtigheid.
Met een zuur en chagrijnig gezicht begeeft hij zich mijn kant weer op, balancerend met het dienblad. Eén kind vliegt vlak voor zijn voeten langs en raakt met zijn natte hoofd vol plakhaar het dienblad. Nog net op tijd blijft alles op het blad liggen, maar daar is alles mee gezegd. We buigen ons over de verstrooide patat, en wenken Sarah dat ze komen moet.

Glorie!
Na de lunch willen we uitbuiken. Héérlijk dat Sarah al haar A heeft. We spreken af dat ze ons komt vertellen waar ze is. Alleen dan mag ze in haar eentje op struin. Ze is apetrots dat ze alleen mag… ik zeg: win-win.


Zo houden we het nog eventjes uit, totdat het moment komt dat we het echt gruwelijk zat zijn en we ons mentaal voorbereiden op de hel die ‘kleedhokjes’ heet.
En dat was nodig ook. De enige hokjes die nog vrij waren, hadden er eentje tussen die bezet was. Jammer, want nu konden we niet meer zo fijn de spullen onder het hokje aan elkaar doorgeven. Als een bezetene sta ik dus op de kop in de tas te wroeten, op zoek naar de juiste stapeltjes kleren en daarbijbehorende onderbroeken.
We scheiden ons van elkaar, waarbij ik deze keer mazzel heb, en het hokje voor me alleen krijg. Een overkill aan herrie en chloor op alle denkbare plekken bleek voor onze ‘tussenburen’ in het hokje geen rede te zijn voor het weglaten van harde toevoegingen van hetzelfde soort. Mijn hoofd stond op ploffen.
In record tempo hebben we ons aangekleed, en gemáákt dat we naar buiten kwamen.

Sarah was één en al vrolijkheid. En wij? Wij zijn weer klaar, voor de komende 4 jaar.



zaterdag 8 september 2018

Vakantie 2018


Vakantie
Sinds we terug zijn van vakantie is alles anders. Het ging zo lekker. Soms kun je niet zeggen waar het door komt… maar deze keer verdenk ik de vakantie ervan.
Een vakantie die eigenlijk relaxter was dan alle andere jaren waarin we kinderen hadden. Het ging zo heerlijk gesmeerd, in twee teams. Jaja, dat lees je goed. In twee teams ja.

Teams
We hebben er alles aan gedaan om voor iedereen de vakantie leuk te houden. En zo kwamen we op het idee om shifts te draaien. In teams. Wel zo gezellig, naast dat het gewoon noodzakelijk was. Jesse heeft 24/7 altijd 1 op 1 nodig, dus daar hadden we een team voor ingedeeld. En dan waren er nog drie andere kids, waaronder Sarah natuurlijk, en ons neefje en nichtje. Levi en Ziva. We kienden het zo uit, dat van elk gezin iemand dienst had, en ook altijd één man en één vrouw. Ons roostertje zie je hieronder.
Prima te doen. En altijd gezellig in team 1. Zo kon iedereen altijd 2 dagen uitslapen voordat hij weer aan de bak moest, wat inhield; s ’avonds kids op bed leggen. En de volgende ochtend om 8:00 opstaan en ontbijten met de kinderen (die al uren op hun kamertjes, hieperdepiep, up and running waren natuurlijk). En ze vervolgens bezig houden, danwel begeleiden, ruzies voorkomen en oplossen, en meer van dat soort

. Tot 10:00. Dan kwam er versterking, en rolden de andere familieleden ook langzaamaan hun bedjes uit. Einde uitslapen.



1
2
3

Team A
(L+Z+S)

Tom

Opa

Mirjam

Team B
(Jesse)

Linda

Oma

Peter


Luieren, niks doen en zwemmen

Het zwembad bood een enorme uitkomst. We hadden een geweldig privé bad, waar we eigenlijk alleen maar geleefd hebben, ondanks de prachtige tuin en het grote huis wat er omheen stond. Sarah is meer onder water dan boven water geweest sinds ze haar A diploma heeft, en ik ben zelfs maar 3x van het terrein af geweest. De vakantie was lui. En bijkomen. Voor het eerst heb ik een boek UITgelezen. Tis een wonder. Ik ben niet eens wezen shoppen met Mirjam!
En ook Jesse deed het dus boven verwachting goed. Hier en daar wat tegenslag door de andere omgeving en andere geluiden, maar ondanks dat heeft Jesse het voor ZIJN doen super goed gedaan. De klap die we kregen toen we thuis kwamen, hadden dan ook niet verwacht.

De weg kwijt
Jesse is vanaf de eerste week, meteen vervallen in zijn oude baby-gedrag. Weer veel huilen en schreeuwen. En het slapen, wat zo ontzettend goed ging (we konden hem sinds een maand of twee zo wegleggen)(GLORIE)  is weer helemaal ingestort. We zitten s ‘avonds met een intens verdrietig jongetje op schoot, die panisch is als je hem in bed wilt leggen, en die alleen nog maar in slaap gewiegd wil worden. En dit gaat zo al weken. Om moedeloos van te worden. En wat het dan is…? We hebben alles al geprobeerd. Ik ben nu zelfs aan het testen of hij allergisch is voor dingen, aangezien de kinderarts hem pas al wilde prikken op Coeliakie, wat veel voor schijnt te komen bij Williams kinderen. Let’s hope for he best.

Speltherapie

Voor Sarah is het allemaal ook niet makkelijk. Ze zigzagt haar weg wel wat om ons heen, maar we merkten toch dat ze meer nodig heeft. En daarom besloten we om speltherapie voor elkaar te boksen bij de gemeente. Scheelt het ff dat ik sinds kort op ‘Pink Boksen’ zit, want het is me dus mooi  gelukt!! YES.
Ze is door de intake heen, en gaat vanaf nu elke week op maandag naar Zwolle. Een aanrader trouwens. Fijne kundige mensen so far. Ze heeft er super naar haar zin, en kijkt al weer uit naar de volgende keer, als we nog maar amper in de auto zitten op weg terug naar huis. Heerlijk. Er was alleen wel ff één dingetje dat ze zeker moest stellen, en dat was na een keer of drie geweest te zijn…
Ze vroeg me toen met een ernstige blik; “En wanneer komt Jesse hier dan…?” Toen ik antwoordde dat dit he-le-maal háár plekje was, en dat er niemand anders dan zij alleen mocht komen in dat uur, klaarde ze op. “Echt waar?! Is dit helemaal voor mij alleen?? (zakt onderuit in stoel) Ohhhh… wat vind ik dát een fijn plekje”. Ontroerd en wel reed ik dus bijna door rood.

We hopen dat ze zich op haar eigen unieke wijze verder zal gaan ontwikkelen en dat we de scheefgroei vóór kunnen zijn, in plaats van dat we het allemaal na de tijd moeten gaan oplappen en de schade al geleden is. Het zou toch doodzonde zijn, als we nu geen actie ondernemen, en ze tegen de tijd dat ze volwassen moet worden, keihard in de knoop zit en hoogstwaarschijnlijk alsnog in therapie zal moeten die niet mals is, omdat ze er al een heel stuk leven en (verkeerd aangeleerde) routines op heeft zitten. Zie dat maar eens te veranderen. Niets is onmogelijk, maar hoe ouder je wordt hoe meer tijd je nodig hebt om te veranderen wat je ooit aanleerde. Nu ze nog kind is, is ze veel buigbaarder en leert ze het snelst. We hopen daarom dat ze de goede dingen aanleert en vasthoud, en geen aangepast kind wordt door de omstandigheden waarin ze zit. Dat was namelijk wat we zagen gebeuren. En, brus of geen brus… een kind is een hele klus. Maar deze joekel van een valkuil moeten we vroeg tackelen.
En ze geniet er nog van ook! Wat wil je nog meer?!

Trampoline
En Jesse is natuurlijk jarig geweest op 5 Augustus, dus hebben we eens flink uitgepakt. Het mooiste wat we hem op dit moment konden geven, is een trampoline. Een ‘wat’ grotere dan we tot nog toe hebben staan (die is 1 meter doorsnee en helemaal kapot gesprongen). Na een tijdje samen kibbelen over de grootte, zijn we het eens geworden, en is ie nog best wel groot voor ons tuintje, maar hey! Ze kunnen er op deze manier nog jaren op springen. En dat is toch wel wat we voorzien met ze. Dus we hebben geïnvesteerd in een leuk ding. Vandaag is ie ingegraven. Nou, alleen die graafmachine was voor Jesse al een kadootje op zich. Hij zat de hele morgen met zijn neus tegen het raam geplakt, te kijken.

AAAHH Modder!
En het feest was nog groter, toen ze eindelijk konden springen. Alleen mama was wat minder blij. Man man man, wat een ellende… ALLE modder liepen ze in en uit de speelkamer. Ja, ik hou niet van poetsen, dus ik ben erop gebrand dat de boel SCHOON blijft. Maar het was een onmogelijke klus. Geen redden meer aan. Ik heb me er maar (met moeite) bij neer gelegd voor deze dag, maar ik hoop toch echt wel dat het snel gaat regenen zodat alle modder weer fijn de grond in stroomt waar het hóórt! Want het is nu ook wel een zielig aangezicht zo. Zeker als je kijkt naar hoe het was en hoe het nu is…
Te weten dat ons gras altijd schaars en doods was, en nu eindelijk groen en fier rechtop stond te shinen, kun je je wel inbeelden hoe pijnlijk het was dat er ff zo’n graafmachine over je gazonnetje heen ragt en het achterlaat in complete chaos. Ik heb nog verwoede pogingen gedaan om het overtollige modder eraf te schrapen… maar het mocht niet baten. Ik heb een nieuwe mantra ingezet, die overigens niet zo erg nieuw meer is. En dat is het alom bekende ‘Let it GOOOO’. En daar is alles mee gezegd.
Ritme
En zo zijn wij ook weer het gewone leven in gekabbeld. School is nu een week achter de rug, en ik moet zeggen dat ik er niet rouwig om was. Enkel is Sarah wel extreem moe, maar tegelijkertijd had ze de uitdaging wel weer nodig. Ze zit al weer in groep 4, my goodness!!! Niet te geloven. Ik zal geen clichés over tafel gooien. Jullie weten allang dat de tijd véél te snel gaat, en dat kleintjes zo groot zijn, en dat je er NU van moet genieten. Ja, dat hoef ik denk ik niet meer te zeggen. Ik zal het vooral zelf in praktijk gaan brengen. Want joh, wat worden die kleintjes snel groot. Nouja….. niet allemaal dan. Ik ken één kleintje in het bijzonder, die er wat langer over doet. Maar hey! Het geeft me wel de tijd om er extra lang van te genieten. Al is de fase van het ‘twee-ik-schreeuw-NEEEEEEEEE!!’ er eentje waar ik dan weer NIET zo traag en laaaaaaaaaang over had willen doen. Gelukkig bestaan er PGB’s. En oma’s. En scholen.
GLORIE.

Ik ben er weer klaar voor. Een nieuw jaar, nieuwe kansen. Let us GOOOO for it. (nieuwe variant van mantra 1.0) DUS.

Lieve groetjes!
Linda