Doorgaan naar hoofdcontent

Aardbeienmilkshake

Drie jochies die zich groter voelen dan ze eigenlijk zijn, zitten te giebelen in de snackbar waar ik ook zit te wachten op m'n kroket. Onschuldig als ze zijn, gluren ze met straaloogjes op standje “ondeugend”, wat voorovergebogen de snackbar rond. Alledrie verlegen, eentje brutaal. Bij binnenkomst merkte ik ze direct al op. Ze hebben stoere verhalen waar ze nog jongensachtig om lachen. Kinderen zijn het eigenlijk nog. Ik schat in dat ze voor het eerst een patatje bestellen, en daar nu geduldig op zitten te wachten. Wanneer er een omkijkt, zie ik dat hij een bril heeft. En voor de mensen die mij kennen: Ik heb een zwak voor jongetjes met brilletjes. Geweldig vind ik ze. Die toch al zo breekbare bekkies, worden dan nóg kwetsbaarder, wanneer ze je aankijken vanachter hun scheefgezakte glazen. Dit maakte het hele tafereel nog mooier. Ik moest mezelf bedwingen om hem niet te gaan knuffelen, want dat zou echt niet stoer voor hem zijn. Ok. Ik focus maar op iets anders. De ietwat verlegen frietenman. Ik ontdek dat hij al net zo’n jochie is als die andere drie. Ook al is hij inmiddels een jaar of veertig, het jeugdige is door de jaren heen niet verloren gegaan. Prachtig. Hoeveel mensen kunnen dat nog zeggen?!

De jongens stoten elkaar aan wanneer de olijke frietenman ze wenkt. Ik kon duidelijk merken hoe hij connectie voelde met de jongens. En met een brede glimlach op zijn ronde hoofd, zet hij tot mijn verrassing drie milkshakes aardbei neer. De jongens grissen de bekers van de toonbank, en lopen in een rijtje de snackbar uit. Geen patat dus. Maar een schattige aardbeienmilkshake. Ik zucht. Wat lief. En nog voor ik het door heb, kijken ze allemaal om voor de deur dicht zwaait en roepen ze: “Bedankt meneer!” Ik ben perplex. Nog netjes opgevoed ook! Wát een héérlijke jochies!!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Wat is Williams- Beuren Syndroom?

Er zijn veel mensen die vragen wat Jesse nou heeft, en waar je aan merkt dat hij gehandicapt is. Hier en daar heb ik het wel eens tussen de regels van m'n blogs door genoemd, alleen heb ik er nooit echt aandacht aan besteed. Daarom schrijf ik nu deze blog, met daarin de aandachtspunten waar wij specifiek tegenaan lopen met Jesse, zodat je een beetje een beter beeld kunt vormen van wat het (voor ons) inhoudt. Het is namelijk ook per williams kind nog heel verschillend hoe de dingen zich uiten. Hartafwijking Op 05-08-2013 is ons zoontje Jesse geboren. Jesse heeft ook nog een ouder zusje; Sarah , van 22-11-11 . Nadat Jesse geboren is heeft hij héél erg véél gehuild. We zijn met hem naar het ziekenhuis gegaan omdat we ervan overtuigd waren dat er iets met hem moest zijn. We hoorden namelijk zelfs zijn hartje kloppen, net zo hard als zijn ademhaling. Toen hij 10 weken oud was, is hij inderdaad in het UMCG beland, met een zeer ernstige hartafwijking. Zijn hart en zijn longslagaders

Overstuur Overspannen Overmacht ... Het houdt niet over.

  Ik rommel in mijn portemonnee om te zoeken naar kleingeld, terwijl ik Jesse bij zijn capuchon vasthoud. Warempel, ik vis nog een paar muntjes uit een vakje. Precies genoeg voor het lawaai apparaat. Samen met hem loop ik naar de kassa, waar ik hem de kleverige centjes laat overhandigen. Zij wisselt ze om voor een 0,50 eurocent en Jesse rent al met zijn lange benen naar het autootje. Zijn fijne motoriek is duidelijk geoefend op school, want het neemt maar twee pogingen in beslag voor het muntje door de gleuf valt. Ik juich voor hem. Hij glundert. Maar nog voor hij het beseffen kan, begint het lawaai autootje te bewegen. Ik lach en hijs hem in het zitje. Zijn gespannen bekkie spreekt boekdelen. Gemengde gevoelens van spanning en vreugde wisselen elkaar af in milliseconden, maar gelukkig overheerst de vreugde. Na een halve minuut kijk ik in een stralende grijns, zoals ik hem ken. Jesse ten voeten uit. Hoe ziet hij mij? Tijdens het wachten film ik zijn reactie tijdens het ritje. Hij bele

The great escape

Aan het geschuifel kan ik horen wie er aan komt. En door het slepende geluid van de kruk weet ik het zeker. Het is mijn overbuurvrouw op plekje 36 van ons veldje. Hijgend hoor ik haar nog op de gang, even een pauze nemend en ik bedenk me geen seconde. Ik grijp mijn spullen en schiet een hokje in waar je een privé wastafel hebt. Net op tijd, want op de gang komt mevrouw-lang-van-draad alweer in beweging. Een kuch en een roggel en ze is er. Ze neemt plaats in het enige overgebleven hokje naast mij, zoals ze dat altijd doet. Maar deze keer zonder mij tegen te komen. Ik zucht voorzichtig. Waarom ben ik zo ontwijkend? Ik kijk mezelf aan in de spiegel. Meestal ben ik juist sociaal en vind ik een praatje maken juist wel leuk. Vooral wanneer ik zie dat het een ander goed doet. Maar deze vrouw heeft problemen. Teveel problemen. Ik wil het even niet meer horen. En ik wil niet nog meer tijd van mijn vakantie weggeven aan een ander. Ik loop zelf al over en kan nog maar net mijn eigen hoofd boven w